20-jarig bestaan 1997

Boek uitgegeven ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van de Wilhelminafanfare in juni 1997, toen we eigenlijk pas 19 jaar bestonden (maar ja, wat gaat er nu wel normaal bij de fanfare), met een voorwoord van Jet Franssen, dirigent.

 

boek1

 

Tekst uit dit boek van de hand van Wim van der Mark, een impressie van 20 jaar Wilhelminafanfare.

De Wilhelmina Fanfare

Sommige stuurlieden-aan-wal zeggen dat ze na dertig jaar blazen nog steeds niet gelijk eindigen. Er wordt geïnsinueerd dat er leden zijn die alleen maar doen alsof ze een noot kunnen lezen. Van anderen wordt beweerd dat ze zonder problemen een heel lied meeblazen in de verkeerde toonsoort. Laat ze praten.

fanfare wissant 2002 450De Wilhelmina Fanfare zwoegt en hijgt, kreunt en zeult, dreigt uiteen te vallen, komt weer bijeen om grenzen te overschrijden. En dat doet zij al dertig jaar met veel verve, toeters, bellen en klokgeluiden. Met aan de muur internationale onderscheidingen en bekers in de kast. Geen noot gaat te hoog, geen bas te diep. Al zijn muzikale hoogvliegers dun gezaaid in de gelederen, wat erin zit, komt eruit. De Wilhelmina Fanfare blaast tegen de klippen op en neemt elke hindernis met een aangeboren mengeling van charme en vastberadenheid.

Het is onze fanfare en daar blijven die stuurlieden-aan-wal mooi met de fikken af.

Dit wordt de geschiedenis...

Dit wordt de geschiedenis van een bijzonder muziekgezelschap dat in de loop van haar bestaan hoge zeeën en diepe dalen heeft moeten nemen.

De Wilhelmina Fanfare is een dartele dame, met wufte neigingen en een diep decolleté. Zij laat zich vertroetelen aan de bar, neemt zelf graag het glas ter hand, laat zich opvrijen door bevriende blaasgroepen. Maar als het moment daar is, staat zij op een stevig voetstuk, een imposante, pronte verschijning die monter het instrument oppakt en op onnavolgbare wijze klanken aaneensmeedt tot een veelkleurig palet van gevoel en vakmanschap, waarbij het visuele element niet zelden een saillant onderdeel is van de totale performance.

Maar de Wilhelmina Fanfare is ook een nurkse dame op zijn tijd, die de gespierde kont tegen de krib gooit als het haar niet zint. Een takkenwijf met kuren, die verongelijkt wekenlang woest voor zich uit kan staren zonder tot blazen te komen. De fanfare is als een mens, een echt mens, met ronde en vierkante karaktereigenschappen. Dit is de geschiedenis van een voluit levende gezelschapsdame.

Proloog

Op 7 april 1978, op een gewone doordeweekse vrijdagavond, in café Wilhelmina, tijdens of na het borreluur, eerder kan niet want toen was er nog niet gedronken, zitten de kersverse kastelein Hans Neutkens, sociaalwerker Bertus Honings, electronicus Leo Boonen en etaleur Henk van Mil aan de bar. Alles was al zes keer verteld en de meningen al acht keer uitgewisseld. Men was 't zat, of men was zat, dat doet er niet toe, in ieder geval heerste er een stilte, zoals die wel eens meer kon heersen wanneer het genoeg was geweest. Iedereen staarde peinzend naar het glas, dat bij de één wat leger was dan bij de ander. Dan wordt de grondslag gelegd voor de later zo imposante Wilhelmina Fanfare. "In plaats van hier te zitten zuipen kunnen we ook iets anders doen", zei Henk van Mil. "Wat dan", vroegen er een paar, die wel in waren voor een verzetje. "Een fanfare oprichten bijvoorbeeld", zei Henk. Toen Henk daar bovendien aan toevoegde "Ik heb thuis instrumenten genoeg, kom maar uitzoeken en je kunt nog les krijgen ook", was er geen houden meer aan. De Wilhelminafanfare was geboren. De publiciteitsgevoelige Neutkens ziet zichzelf al een hoofdrol brommen op de bas, Bertus houdt het bij de tuba en Leo kiest voor de grote trom.

Het ei gebarsten

Vrij snel begint de Wilhelmina Fanfare zich uit te breiden. Maroula komt erbij op sax. Zij brengt Juul Vrijdag mee, die weer verkering heeft met Okko van der Kam. Okko is vrij muzikaal, en dat komt goed uit. Nu kan hij de leiding nemen. Als dan ook nog enkele leden van de Stratumse Harmonie zich bij de fanfare aansluiten, begint het al ergens op te lijken. Nadat de krukken de allereenvoudigste wijsjes onder de knie hebben, kan ook het wat ‘moeilijker repertoire' aan bod komen.

Trots kan de Wilhelmina Fanfare zich voor het eerst op het Wilhelmina Open Podium presenteren met een aantal zeer aardige stukken. Onvergetelijk zijn nummers als ‘De Oude Sint Jan', ‘Rosamunde' en de ‘Purperen Heide'. Composities waarin de fanfare hart en ziel legt, die bij elke uitvoering toch telkens weer een eigen interpretatie krijgen, die het publiek tot groot enthousiasme op weet te zwepen. Een traditie wordt geboren, namelijk die dat de Wilhelmina Fanfare voortaan om precies vier uur het Open Podium openblaast. De mythe gaat dat in de begintijd het publiek pas binnenstroomt als de fanfare uitgeblazen is. De werkelijkheid is anders, om halfvier al moeten de deuren dicht omdat Café Wilhelmina mudvol is. Natuurlijk, men komt voor artiesten als een Abel van Dam, een Neut, een Hoey. Maar bovenal is het publiek toegelopen om op de hoogte te blijven van de allerlaatste ontwikkelingen binnen de fanfare.

Ook is de fanfare voortaan present als eind november Sinterklaas het bruine café aan het Eindhovense Wilhelminaplein bezoekt. Vooraf worden de kleintjes warmgeblazen met toepasselijke traditionals. Na afloop wordt het huilen van onder de voet gelopen kleuters overstemd door een eindeloos herhaald ‘Dag Sinterklaasje da-hag'. De ouders vergenoegd, de kinderen blij met wat prullaria, de vaste gasten zwetsend aan de bar. En de fanfare opgelucht dat ze aan deze zware klus geen kleerscheuren hebben overgehouden.

De vleugels uitgeslagen

Henk van Mil neemt het muzikale heft over van Okko, die met Juul naar Amsterdam verhuist. De fanfare is een serieuze zaak geworden. Elke week wordt er tot bloedens toe gerepeteerd. Henk is niet langer tevreden met al te eenvoudige wijsjes.

Met veel pijn en moeite krijgt hij stukken als The Entertainer en Floral Dance erin en redelijk er weer uit. Als de etaleur na verloop van tijd de belangstelling voor de fanfare verliest, is zijn opvolger er al: Jet Franssen, telg uit een oud geslacht, muzikaal met straffe hand gevormd door haar moeder Zij neemt in 1982 de stok ter hand.

Als zij in 1990 met studieverlof voor een jaar naar Japan vertrekt - waar toevalligerwijze haar levenspartner Jan ook juist verblijft - is er een reserve-dirigent in de figuur van Hein Mandos.

Het nest verlaten

Muzikanten blijven komen, maar ook keert een enkeling de fanfare noodgedwongen de rug toe. Dat is onder meer het geval bij Wilhelmina-stamgast vanaf het eerste moment Nol Wagemakers, naar wie een van de tappunten genoemd is. Nol heeft jarenlang dapper geprobeerd het slaan van de grote trom in de vingers te krijgen, maar zijn pogingen lijden uiteindelijk toch nog schipbreuk op de driekwartsmaat. Nol begrijpt zelf ook dat wil de fanfare op een hoger plan komen, de basis solide moet zijn.

Tijdens een van de open podia neemt de fanfare afscheid van hem met een omgebouwd ‘Hello Dolly': ‘Goodbye Nolly'. Als de laatste toon weerklinkt, is Nol zichtbaar aangedaan. Zijn hart gaat spontaan over in een onregelmatige driekwartsmaat. De glazen worden geheven, fanfare en Nol gaan als vrienden uiteen. Hij wordt opgevolgd door Ton van Rooij, totdat een en ander deze zo zeer aan het hart gaat, dat ook Ton de fanfare weer verlaat.

Op de wieken van de roem

In de loop der jaren verandert langzaam het repertoire van eenvoudig en eenstemmig naar wat moeilijker stukken die meerstemmig gespeeld zouden moeten worden. Met eindeloos veel geduld weet Jet Franssen het bijna onmogelijke te halen uit de vaak minimaal geschoolde muzikanten, die ook in de meeste gevallen van moeder natuur weinig muzikale aanleg meegekregen hebben. Mozart komt op het repertoire, een stuk van Fellini. Maar ook het aloude ‘Sophietje', ‘Happy Together' en de ‘Loxi Boogie'. Na de verovering van Café Wilhelmina volgt het Wilhelminaplein. Een offensief wordt ingezet om Eindhoven voor zich te winnen. Brabant is de volgende uitdaging. Op een anti-kernraketten-demonstratie in Huijbergen toont de fanfare haar maatschappelijk bewogen gezicht, als zij onderdeel is van een menselijke keten die urenlang in beweging blijft om de regering te bewegen af te zien van het plaatsen van kernkoppen. De provinciegrenzen worden overschreden als de fanfare uitgenodigd wordt voor een anti-nuclaire demonstratie in Den Haag. De hofstad gaat massaal plat voor de voor de gelegenheid speciaal ingestudeerde nummers van de muzikale Eindhovenaren. Een 1 Mei Viering van de Partij van de Arbeid kan als onvergetelijk in de annalen bijgeschreven worden als de Wilhelmina Fanfare zich het hoofd rood zwoegt. Eindhovense racisten krijgen de wind van voren als de Wilhelmina Fanfare meeblaast in een fakkeloptocht op het eigen Wilhelminaplein.

De grens genomen

In de zomer van 1983 worden de landsgrenzen overschreden: een tournee naar de Eindhovense zusterstad Bayeux in het kader van de Quatorze Juillet. De achterliggende reden van deze toernee is een Franse tegelzetter die dirigente Jet Franssen een jaar eerder heeft ontmoet. De romance ontstaat tijdens de toernee in Normandie van Glancy Triple drie dames begeleid door pianist Hein Franssen. Jet verlangt terug naar de armen van haar amant en dus gaat de fanfare voor een week op tournee naar die streken. Grootse optredens volgen aan de Atlantische kust Op de pontons van Arromanches doet de fanfare D-Day dunnetjes over. Geen Duitser die zich durft te vertonen. Voor het stadhuis weten de fanfareleden drie uur lang de inwoners van Bayeux te boeien met hun repertoire, dat ook internationaal aanslaat. Dat daarbij wel eens een glaasje bier gedronken wordt, is geen probleem voor de Franse politie, die zichzelf aangaande het innemen ook niet onbetuigd laat op de nationale feestdag.

De fanfare krijgt eenmalig toestemming om ondanks een te hoog promillage toch per auto terug te keren naar de camping. De volgende dag zijn er op een receptie bij de burgemeester enkele glazen champagne nodig om de embouchures op temperatuur te krijgen en de hardheid uit de koppen. Normandië zal de Wilhelmina Fanfare nooit meer vergeten.

Met machtige slagen

Maar nog is het niet genoeg voor de fanfare. Ook de wereld moet veroverd. Dat gebeurt als de tourkaravaan door Eindhoven komt gedaverd en de coureurs bij het Wilhelminaplein tot hun verrassing onthaald worden op een blaasconcert. Beelden van de fanfare zouden de hele wereld overgegaan zijn, als de NOS iets ruimer in de zendtijd gezeten zou hebben.

Maar met alleen in verre streken drukt de Wilhelmina Fanfare een onuitwisbaar stempel op cultuurgevoelige medeburgers. Als Eindhoven in september 1994 de vijftigste bevrijdingsdag viert, staat de fanfare op het erepodium op de Markt. Samen met leden van de VSOP (Voormalige Stofhappers Op Podium) en het Lozzie Bandje vormen ze de Jumbo Jet Liberation Band Oudstrijders uit heel Europa zijn tot tranens toe geraakt door het concert, dat opgebouwd is uit oorlogsevergreens als ‘Minnie the Moocher', ‘We'll meet again' en ‘It's a long way to Tipperary'. Onvergetelijke dag op een zonovergoten Markt, waarover nog veel nagepraat wordt in kringen van de bevrijders.

Jaren daarvoor verbaast de fanfare festivalgangers die afgekomen zijn op het Eindhovense Midzomernachtspektakel. Geruchten willen dat het publiek massaal weggebleven is omdat bekend werd dat de fanfare er zou spelen. Zoals zo vaak is dit geheel uit de lucht gegrepen, waar toentertijd donkere onweerswolken zich samen- pakten aan het zwerk. En dat is de werkelijke reden waarom het evenement failliet ging en ter ziele. Ook het roemruchte hardrock festival Dynamo Open Air valt voor het muzikale kunnen van de fanfare, althans het organiserend deel ervan. Twee maal wordt de fanfare uitgenodigd om de toestromende headbangers warm te blazen. Het eerste jaar komt de regen met bakken uit de lucht, waardoor de hardrockers wel móeten blijven in de tent waar de fanfare speelt. Maar echt enthousiast wordt er niet gestagedived als het gezelschap ‘Sophietje' speelt. Het tweede jaar volgt een herkansing. Mogelijk dat er op het verkeerde moment van de dag gespeeld wordt, wellicht heeft een ongelukkige repertoirekeuze meegespeeld, het zou kunnen zijn dat de aanwezigen cultureel ongeschoold zijn geweest.

Feit blijft dat de zware jongens in de modderpoelen niet echt van hun stuk gebracht worden als de fanfare een mopje Mozart brengt. Teleurgesteld keren de fanfareleden terug naar huis. Hier is geen eer te behalen.
Meegenomen op de wind

Des te meer succes heeft de Wilhelmina Fanfare in de Noord-Spaanse stad Traiguera. De groep plus aanhang maakt in een touringcar een tiendaagse tournee naar deze plaats, waar ze op voorhand al binnengehaald worden met een spandoek met de tekst: Bedankt en tot ziens! Drie dagen lang worden de Eindhovenaren door de bevolking culinair onthaald in de Salle de Fête. Een hechte band, goed voor het leven, wordt gesmeed als de glazen geheven worden in een gemeenschappelijke euforie van vriendschap en warmte. De fanfare loopt mee in de Paasprocessie en speelt het Ave Maria in de Paasmis, waar de gelovigen behoorlijk onder de indruk zijn van de ingetogen, hier en daar met een speelse toef toegeruste uitvoering van dit aloude lied. Maar ook is er tijd voor een lolletje. Als de fanfare op een regionale tournee het plaatsje Peniscola aandoet, weet paukenist Bert Staal meteen dat dan Vaginafanta niet ver uit de buurt zal liggen. Ook de chauffeurs zijn veelvuldig het onderwerp van grappen. In Eindhoven staan de gezichten van Wiel en Reservewiel - zoals de beide mannen omgedoopt worden- al op onweer als de fanfareleden met allerlei onmogelijke instrumenten aan komen sjouwen en de Neut veel tray-tjes bier de bus in draagt. Als dan ook nog blijkt dat ze in Spanje niet op de rug in de zon kunnen gaan liggen, maar de hele week voor vervoer dienen te zorgen, zakt hun stemming nog verder. Voer voor grappen volop. Maar het grootste kunststuk komt als de bus de nauwe, vijf kilometer lange weg opdraait naar het klooster, waar de fanfare zal verblijven. Omdat de chauffeurs vrezen nergens te kunnen draaien, besluiten ze achteruit te rijden. Vijf kilometer lang. Het achteruit rijden valt met mee, maar erger zijn de vele grappen die er gemaakt worden over hun besluit.

Bij het klooster blijkt er een binnenplaats te zijn, groot genoeg om er een slagschip te keren. Wiel en Reservewiel zijn inmiddels, zeer tegen hun zin, onsterfelijk. Trombonist Neutkens, van kindsaf een Bourgondiër bij wie het innemen met de paplepel ingegoten is, maakt op de hem bekende joviale wijze gebruik van de gastvrijheid in Traiguera. Veelvuldig klinkt hij op de vriendschapsbanden, wat tot gevolg heeft dat hij op het afscheidsconcert wel ineens vloeiend Spaans blijkt te kunnen spreken, maar niet meer in staat is om zijn instrument naar behoren te hanteren. De tweede trombonist, Marjan Hesling, moet zodoende alle partijen voor haar rekening nemen. Pas als de grens van Nederland in zicht komt, is de Neut weer aanspreekbaar. Dirigente Jet Franssen spreekt hem bestraffend toe, maar omdat de familie Franssen in velerlei opzicht afhankelijk is van de Neut -zwembad, wijn- kelder, koelkast, vouwwagenstalling- komt het niet tot sancties.

Onder bonte veren

Als in 1989 de Koninklijke Carnavals Vereniging Café Wilhelmina In Oprichting het leven ziet, is een hofkapel de volgende logische stap. Trompetiste Hanneke van den Boomen neemt daarvoor samen met de al eerder genoemde en ook later nog veel over de tong gaande Marjan Hesling het initiatief. De Wilhelmina Hofkapel studeert in een recordtijd een eenvoudig dweilrepertoire in en marcheert aan het hoofd van een bonte stoet prinsen, hofdames, huppeltrutjes, voorzitters, politieagenten, presidenten en andere hoogwaardigheidsbekleders op naar de Sint Catharinakerk, om daar de Kamer van Koophandel-olifant een medaille om te hangen. Drie jaar lang weet de Hofkapel zich te handhaven. Dan volgt een scheuring, als waren de leden volbloed gereformeerd. De meer muzikaal onderlegde leden vormen de blaaskapel ‘Daeuw Nie Zù‘k Daeuw Auew Toch ôk Nie', die begin 1997 het weet te schoppen tot een bijdrage aan verzamel-cd van Eindhovense carnavalsliedjes, het opgewekte ‘Val dood'. De overigen blijven zich scharen rond de vlag van de Wilhelmina Hofkapel, die tot ver in de volgende eeuw zich zal vergrijpen aan de engeltjes die bij nachte lagen. Overigens zijn alle meningsverschillen inmiddels al lang weer bijgelegd en blazen beide kapellen in vrede verder.

Ook de jeugd laat zich binnen de fanfare niet onbetuigd. In de zomer van 1996 worden de Wilhelmini's opgericht, waarin onder meer de jonge Neut, de jonge Van Mil, de jonge Goossens, de jonge Wouters en uiteindelijk ook de jonge Rijnders. Na enig oefenen treden ze al meteen op in Bobbejaanland en op Koninginnedag op het Wilhelminaplein, waar de petten van de jongelui flink gevuld worden met gulle gaven. Als het enigszins kan, gaan ze mee op toernee met de echte fanfare.

De laatste ontwikkeling is het ontstaan van het Wilhelmina Mannen Koor, inderdaad onder leiding van dirigente Jet Franssen. Acht mannen uit de Wilhelminakring die op deze wijze proberen met het hoofd boven het maaiveld uit te komen. Ze moeten eerst op auditie bij Ma Franssen, die hen screent. Hoofdschuddend vertrouwt deze de mannen toe aan haar dochter. Vooral Harrie van der Bor blijkt een zwakke schakel in de keten, omdat hij nogal moeite heeft met de techniek. Acht weken oefent het koor op het mooie lied ‘Ons verken is gesturven', en dan nog zijn de leden niet tevreden. Perfectie op een hoog niveau is hun doel.

Aan zijden draden

De Wilhelmina Fanfare is een hechte groep, waarin de leden lief en leed delen op een wijze die niet zelden multi-interpretabel is. Het wij-gevoel krijgt minstens eenmaal per jaar een flinke dosis stimulerende middelen, als de fanfare er een weekeinde op uittrekt. Het eerste weekeinde - in 1984 - is er een in de Ardennen op de camping van een legendarische, neofascistische en pedofiele baron. Enkele bevriende wielrenners worden uitgenodigd en maken van de gelegenheid misbruik het weekeinde naar zich toe te trekken. Vanaf die tijd is het Pinksterweekeinde traditioneel het weekeinde van de wielerclub. Die club blijft hangen, de fanfare gaat op zoek naar nieuwe locaties. Neem 1988, de finale van de Europacup, Nederland tegen Rusland. Het fanfare-weekeinde - waaraan sinds 1984 geen buitenstaanders meer mogen deelnemen - speelt zich af in Middelburg.

De voetbalfinale wordt ook bijna de fanfarefinale. Want kastelein Neutkens wil dat ‘zijn' fanfare, waar hij jaarlijks duizenden guldens sponsorgeld instopt, standtepede terugkeert naar het Wilhelminaplein, omdat daar geld te verdienen is als Nederland de Russen met 2-0 verslagen hebben. Dirigente Jet Franssen houdt de poot stijf en Neutjes legt het af tegen zijn schoonzuster. Middelburg wordt een doorslaand succes, de fanfare is gered.

Naar verre horizonten

Een jaar later bevindt de fanfare zich in het Belgische Tongeren om daar het wij- gevoel een flinke afstofbeurt te geven. Helaas ontgaat de inwoners van het stadje de essentie van het blazen in groepsverband, alsmede het cruciale belang voor de culturele ontwikkeling van het ietwat ingeslapen plaatsje.

Slechts één kastelein begrijpt dat er hier een historische stap in de goede richting kansloos ten onder dreigt te gaan en stelt zijn etablissement geheel belangeloos ter beschikking. Hij draait de omzet van zijn leven, ondanks dat alle vaste gasten zich bij de deur al meteen weer omdraaien.

In Durbuy (B) beleeft de fanfare haar actiefste weekeinde. Er wordt afgedaald in grotten, men laat zich aan touwen van hoge rotsen abseilen, de leden wagen zich in smalle bootjes op woeste rivieren, een Hara Krishna klooster wordt bezocht, er is een barbecue en als de gelegenheid zich voordoet, wordt er stevig geblazen.

In 1992 speelt het fanfareweekeinde zich af in Alkmaar, waar op de tv opnieuw gevoetbald wordt, dit keer de halve finale tussen Oranje en de Rode Duivels. Als onze jongens met hangende koppen het veld verlaten omdat de Belgen er wél een ingefrommeld hebben en zij niet, weet de Wilhelmina Fanfare de Alkmaarder bevolking uit een diep dal te trekken met hun opvrolijkende klanken. De Eindhovenaren redden de avond.

Een eigen koers

Door alle jaren heen is de fanfare een broedplaats gebleken voor talent. Op eigen kracht bouwen (ex-)leden een geduchte reputatie op. Henk van Mil blaast menige partij mee bij talloze jazzorkesten en popformaties Henk van de Ouweland is een op brede schaal gewaardeerd orkestleider. Hans Neutkens is bij zijn leven al een legende mede door het winnen van het Valkenswaards carnavalslied festival. Bea Neutkens-Franssen maakt furore als zingend lid van Glancy Triple. Rens van Mierlo en Hans Neutkens zijn beiden lid van de veelgeroemde Valkenswaardse blaaskapel Lek Me Vesje, letterlijk bekend van radio en televisie. Jet Franssen is juffrouw blokfluiten. Maar ook ontstaan vanuit de fanfare nieuwe gezelschappen.

De eerste is - begin jaren tachtig - de Wilhelmina Big Band, die onder leiding van dirigent Hein Franssen zich naar hogere regionen blaast. Opnieuw Rens en Hans zijn er lid van. Net voordat ze door Franssen de band uitgeschopt dreigen te worden omdat ze de muzikale ontwikkeling te veel verstoren, houden ze de eer aan zichzelf. Na ongeveer een jaar valt de big band uiteen, mede omdat het afdrinken geen vast onderdeel van het groepsgebeuren wordt en de optredens te ver van huis zijn. De Beatrix Kapel timmert beter aan de weg. Deze geheel uit vrouwen samengestelde groep wordt vooral uitgenodigd als er ergens linten doorgeknipt moeten worden en wordt daarmee tijdelijk populairder dan haar grootmoeder. Willemijn Fooy speelt er de bas en Koningin Emma; Bea Neutkens-Franssen verlengt haar voornaam met Trix; Wilma Eilers mag optreden als de koele Margriet; de knappe en fel van de tongriem gesneden Marjan Hesling is Irene, terwijl de ietwat loensende Jet Franssen de rol van Prinses Christina voor haar rekening neemt. Maar de show wordt gestolen door niet-fanfarelid Pam Garcia in haar rol van Prinses Juliana die de grote trom beroert. Haar perfecte imitatie van de voormalige vorstin - "Landgenoten, wij zijn verheugd..." - doet helemaal vergeten dat zij op haar Instrument wel eens de slag mist. Als de Beatrix Kapel ‘God save the Queen' aanheft, wordt er in menig damestasje naar de zakdoek gegrepen. Uiteindelijk legt de kapel toch nog het loodje, omdat de vrouwelijke leden opraken.

Finale

Vanaf 1978 bestaat deze dame nu, deze Wilhelmina Fanfare.  Het tienjarig bestaan werd in 1989 gevierd, het twintigjarig bestaan in 1998. Het moment is daar om om te zien in verbazing en bewondering, te klinken op het heden en vooruit te kijken in vertrouwen. Het water stond de fanfare aan de lippen in Zeeland, in Alkmaar begon opnieuw de victorie. Menig concert mag misschien beginnen met een misslag, als de finale daar is, is vrijwel elke muzikant inmiddels op maat. Stormen zijn opgestoken, de fanfare bleek uiteindelijk in staat in de pas te blijven. Franse gendarmes, Spaanse militia en Belse dienders stonden gereed om de leden met veel vertoon van macht af te voeren, de fanfare blies zich eruit.

De Wilhelmina Fanfare is een vrouw met vele kanten. Zij tilt haar rokken op en flirt met het mansvolk, maar slaapt ‘s nachts in haar eigen bed. Zij heft graag het glas, maar wordt nooit een sloerie. Zij kan poeslief zijn, maar als het nodig is, slaat zij haar klauwen uit. Zij is dertig nu en heeft menig bewonderaar. Het gaat crescendo met de innerlijke huishouding van menig man als de fanfare de instrumenten in stelling neemt.

Een plaatselijk gezelschapje dat mee en dan een beetje muziek blaast? Deze simpele voorstelling van zaken doet de werkelijkheid op vele fronten geweld aan. De hierboven geschetste geschiedenis van de Wilhelmina Fanfare maakt dat meer dan duidelijk.

 

CD

cd2

Ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan is ook uitgebracht de cd "Café Wilhelmina Fanfare 20 jaar, Ja, dan hedde wa...!, Nee, dan kende niks!". Hierop de nummers Andante uit het klarinetconcert van Mozart, Sophietje van Johnnie Lyon, Spanish steps, 81/2 van Nino Rota, De fanfare van honger en dorst en Loxi boogie. Destijds te koop voor 10 gulden en een speciale aanbieding "Twee cd's voor slechts 25 gulden". Voor zover bekend is er maar éénmaal gebruik gemaakt van deze speciale aanbieding.

Image
info@wilhelminafanfare.nl
© 2022, Wilhelmina Fanfare

Schrijf je in als Fan van de fanfare

We houden je op de hoogte van onze optredens

Ledenmenu